Zoeken in:  

'Gamen' is geen spel in Twente

24 november 2006

'Gamen' is geen spel in Twente

PAUL BAETEN – 24 november 2005

Bedrijven kunnen op de universiteit Twente nieuwe concepten in spelvorm testen.

ENSCHEDE - Op de Universiteit Twente wordt vandaag de eerste Technology Exchange ('T-Xchange') Cell van Nederland geopend: een hypermodern, virtueel laboratorium waar bedrijven de kans krijgen al in een pril stadium nieuwe concepten voor innovaties in een spelvorm te testen.

De T-Xchange Cell in het Virtual Reality Lab van de Universiteit Twente oogt als een paradijs voor fanatieke computergamers. Een meterslang, halfrond projectiescherm, een batterij beamers aan het plafond en reeksen hippe laptops aan een soort casinotafels met daarboven een serie uit de kluiten gewassen lcd-schermen. 'Gamen' is het sleutelwoord voor de wijze waarop hier innovaties moeten worden bedacht en ontwikkeld.

Maar een spelletje is het niet. De ruimte is hermetisch van de buitenwereld af te sluiten om kostbare bedrijfsgeheimen te beschermen. Het netwerk is nog 'ouderwets' met kabels aan elkaar verbonden. 'Een draadloos netwerk geeft toch te veel veiligheidsrisico's', licht projectleider Eelko Kunst toe.

Hier moeten bedrijven in samenwerking met technisch specialisten van de universiteit in alle rust kunnen werken aan hun innovatieve ontwikkelingen. 'Dit is innovatie van de vierde generatie', zegt Kunst. 'Productontwikkeling in een virtuele omgeving is al wel bekend. Simulaties van processen en ontwerpen ook. Wat hier wordt toegevoegd is het element van gaming; innoverende oplossingen kunnen hier al in de fase van de conceptontwikkeling worden gebouwd, getest en aangepast. In een spelvorm kunnen deelnemers aan een sessie - creatieve ontwerpers, technici, maar ook directieleden en financiers - allerlei scenario's loslaten op een probleemstelling. Nog voordat een innovatief product in ontwikkeling wordt gebracht, kun je daardoor zien of je het probleem scherp genoeg hebt omschreven en of de oplossing voldoet aan de vraag. Het spel kan duidelijk maken of de innovatie werkelijk voldoet aan de vraag van de markt. Is dat niet zo, dan begin je gewoon weer opnieuw.'

Een voorbeeld van zo'n spel maakt het wat concreter: een van de deelnemende bedrijven in het project is Vrest bv, dat zich specialiseert in virtuele leeromgevingen. De marktvraag waarop hun spel zich richt, is die van ziekenhuizen die een methode willen vinden om sneller en goedkoper medisch specialisten op te leiden.

'Technisch is er van alles mogelijk', zegt Eelko Kunst. 'Je kunt een computersimulatie maken die precies aangeeft hoe groot de druk is die een chirurg in opleiding uitoefent op zijn mes. In het spel kun je je dan vervolgens de vraag stellen: wat schieten we er eigenlijk mee op als we dat kunnen simuleren? Kun je die vaardigheid ook op een andere manier in een virtuele omgeving aanleren? Kan het simpeler, goedkoper, efficiënter? Die variaties in het scenario kun je hier meteen laten zien, inclusief de leerresultaten en de kosten.'

'Technici kunnen alles maken wat je wilt', vult Dick Arnold, geestelijk vader van het project, aan. 'Maar niemand zit te wachten op wéér een videorecorder die je dertig dagen vooruit kunt programmeren. Dat wil niemand en het lukt trouwens ook niemand. Hier kunnen we de techniek in een context plaatsen, nog voordat een ontwerpafdeling ermee aan de slag gaat. En we kunnen die context beïnvloeden, keer op keer, zodat je een steeds nauwkeuriger definitie krijgt van het probleem dat je wilt oplossen.'

Arnold, researchdirecteur van Thales, dat samen met Vrest en ingenieursbureau Indes het project steunt, is weinig vleiend over het innovatiebeleid. 'Iedereen heeft de mond vol van innovatie, maar je moet het wel organiseren. Dat is iets anders dan een paar mensen bij elkaar zetten in een brainstormsessie. Dan krijgen de grootste schreeuwers gelijk. Hier willen we de innovatieve creativiteit stimuleren. Kennis van bedrijven koppelen met wetenschap. Meteen visualiseren wat je bedacht hebt, zodat iedereen het over hetzelfde heeft. Dit is serious gaming.'

Copyright (c) 2006 Het Financieele Dagblad